De toekomst van Naobuur (concept)

CONCEPT 16-11-2017

De toekomst van Naobuur

Naobuur fungeert sinds april 2015 als een werkgroep van Dorpsbelang Vledder en kan operationeel blijven zolang oorspronkelijke subsidies dat mogelijk maken ( afronding subsidie Oranjefonds in februari 2018). Naobuur wordt geleid door een projectteam en bestaat geheel uitvrijwilligers, maar vanuit WMW is een lid in het projectteam aanwezig.

De oorspronkelijke projectperiode is in overleg met de gemeente opgerekt zonder dat het harde afspraken zijn gemaakt. In de loop van 2017 is het gesprek over de positie van Naobuur (tussen gemeente/Dorpsbelang/projectleiding)steeds meer verweven met het project woonzorgcentrum (wzc) Vledder-Noord, en in het bijzonder de “zachte kant” ervan.

De toekomst van Naobuur heeft veel te maken met het wzc, maar is daar niet afhankelijk van. Wel heeft Dorpsbelang Vledder de ontwikkeling van Naobuur bewust in het kader geplaatst van “levensloopbestendig wonen”, de visie achter het wzc. En voor Naobuur geldt specifiek de relatie met de bibliotheek en het gebouw, waarin ze actief zijn en bij voorkeur willen blijven, ook al wil de bibliotheek het pand verkopen.

Eind 2017 wil Dorpsbelang Vledder helderheid hebben over het doorgaan van het wzc. Het is dan ook gewenst dat de toekomstige rol en positie van Naobuur geconcretiseerd wordt voor die tijd.

Waar komt Naobuur vandaan?

Naobuur is opgezet als een Informatie- en Contactcentrum Zorg & Welzijn met twee hoofddoelstellingen:

·         Versterking van de infrastructuur zorg & welzijn, o.a. door het informatie- en contactcentrum

·         Realisering van een wijkverpleegkundige functie in Vledder, die o.a. “geïntegreerde indicatiestelling” kon realiseren.

De achtergrond lag in de scheiding van Zvw en Wmo en in de constatering uit o.a. buurtgesprekken dat er meer samenhang gewenst was in de sociale infrastructuur van en voor de inwoners. Een passende plek werd in het centrum van Vledder gevonden in de bibliotheek, die tijdelijk en voor een deel werd gehuurd.

Ca. 35 vrijwilligers begonnen met het realiseren ervan in april 2015; zie ook de website van Naobuur.

Waar staat Naobuur nu?

De eerste hoofddoelstelling heeft op diverse manieren vorm gekregen. In hoofdlijnen:

·         Diverse ontmoetingsmomenten en activiteiten van inwoners zijn standaard geworden: maandagochtend, woensdagmiddag, vrijdagochtend; Naobuur is ook een laagdrempelige en goedkope ontmoetingsplaats geworden in de regio voor b.v. vluchtelingenhulp en taalcoaches.

·         Hulp-activiteiten voor inwoners ontstonden of werden uitgebreid of ondersteund, zoals

o   Hand- en spandiensten/klusjes

o   Seniorweb Vledder, incl. ICT-hulp op dinsdagavond

o   ’t Pannegie, eetcafé

o   4Het Leven

o   Vervoersfaciliteiten via vrijwilligers

o   Vledder e. o. in actie (met beweegcoaches Westerveld), zoeken van wandelmaatjes

·         Samenwerking ontstond of werd verbeterd, b.v.

o   Met de bibliotheek: verdubbeling van de openingstijden, inhoudelijke samenwerking bij lezingen, cursussen m.b.v. Seniorweb Vledder

o   Met de wijkagent: wekelijks spreekuur

o   Met WMW: samenwerkingsovereenkomst, o.a. om welzijnsactiviteiten beter met lokale inwoners/organisaties af te stemmen

o   Met “bloedprikken” (2x p.w. bij Naobuur)

o   Met de diverse “verenigingen Dorpsbelang”

·         Kennis- en informatieversterking (educatie) m.b.t. welzijn en gezondheid door regelmatig  lezingen en een hulpmiddelenmarkt te organiseren; ook middels de activiteiten van Seniorweb Vledder.

 

De tweede hoofddoelstelling is slechts deels geslaagd; de gekozen vorm bleek niet goed te passen in de opzet van de gemeente. Overleg tussen gemeente, dorpsbelang Vledder/Naobuur en zorgorganisatie ZZWD heeft  een nieuwe vorm opgeleverd, o.a. in het kader van “wijkgericht werken” via het Zilveren Kruis. Uitwerking gebeurt in het najaar 2017, samen met de 3 meest betrokken thuiszorgorganisaties ( Carepool, Icare en ZZWD) voor geheel Westerveld.  Een verdere impuls kan komen na het gereedkomen van het wzc.

Wat zijn de belangrijkste factoren en risico’s  voor het vervolg?

De belangrijkste risico’s zijn de volgende.

·         Het huidige pand is niet langer beschikbaar, hetzij fysiek hetzij financieel (= te hoge huur). Een vergelijkbare, vervangende locatie is niet beschikbaar. De opzet van Naobuur moet dan opnieuw doordacht en ontwikkeld worden.

·         Bezetting sleutelfuncties; versterking van het projectteam met dragende vrijwilligers is zeker nodig, vooral in het kader van de ontwikkeling van het WZC.

Daarnaast zijn voor de toekomst de belangrijkste factoren als volgt weer te geven.

·         Integrale aanpak van het welzijnsbeleid in de regio, en specifiek daarin het ouderenbeleid door WMW; uitbouw van regionale accenten in het welzijnsbeleid in combinatie met lokale organisaties.

·         De samenwerking met en tussen de zorgorganisaties in Vledder; effectuering van een wijkteam (met de gemeente) en de “driehoek”;

·         De ontwikkeling van het WZC in Vledder-Noord, zowel bij het doorgaan ervan als bij het niet-doorgaan. Vooral de zorg-gerelateerde aspecten van Naobuur moeten opnieuw worden doordacht.

·         De verbinding van Naobuur met de ontwikkeling van de “dorpskamers” in de kernen.

Hoe moet Naobuur verder?

Drie vragen dienen nu beantwoord te worden:

·         Voor wie ?

·         Wat wil Naobuur doen resp. faciliteren?

·         Hoe ziet Naobuur er dan uit?

Voor wie?

Gelet op het hierboven geschetste en de toekomst met Vledder-Noord zijn de doelgroepen en het potentiele activiteitenveld van Naobuur als volgt te groeperen:

A.      Alle inwoners in de regio. Hiervoor is Naobuur het algemene informatiepunt voor onderwerpen op het terrein van welzijn en zorg; Naobuur geeft antwoorden, verwijst en verbindt, en organiseert eventueel, zoals hierboven aangegeven bij de eerste hoofddoelstelling.

B.      Organisaties in de regio, actief op het terrein van welzijn en zorg. Naobuur verbindt vooral tussen en naar vrijwilligersorganisaties, faciliteert zo mogelijk samenwerking en aanvulling. Voorbeelden zijn de bibliotheek, WMW, zorgorganisaties, verenigingen Dorpsbelangen, SOB-Vledder e. o., stichting duo-fiets, etc. De ontwikkeling van een “dorpskamer” zou hier in passen.

C.      “Eigen” activiteiten, die tijdelijk of permanent gestart worden onder vlag van Naobuur.

Onder doelgroep A nemen de inwoners die voor welzijn en zorg afhankelijk zijn geworden een specifieke plaats in. Veelal zijn dat ouderen.

Wat wil Naobuur doen resp. faciliteren?

Voorop staat dat Naobuur primair verbindt wat er al is, aanvullingen initieert en ondersteunt en zo nodig zelf blijft uitvoeren. Dat laatste gebeurt zoveel mogelijk in relatief zelfstandige groepen (zie verderop).

In par. 6 van de notitie levensloopbestendig wonen ( zie onderaan) geeft Dorpsbelang Vledder aan dat een pakket aan ondersteunings- en zorgfaciliteiten aanwezig dient te zijn naast passende woningen. Op 7 levensdomeinen worden activiteiten geschetst.

Naobuur zou de dorpsverantwoordelijkheid voor deze faciliteiten op zich kunnen nemen:

·         als strategische opgave met een ontwikkelfunctie waar lacunes bestaan/ontstaan : monitoren, evalueren, initiëren, verbinden

·         als uitvoerende instantie : ontmoetingscentrum doen functioneren, informatie geven, inwoners verbinden ( klussen, vervoer, wandelen, etc.)

·         als partner in uitvoering door b.v. ZZWD, WMW, SOB, de Zonnebloem, etc.

De nadere invulling is natuurlijk afhankelijk van wat er verder aan dorpsorganisatie wordt opgezet voor de permanente realisatie van levensloopbestendig wonen.

In het WZC waar ZZWD primair de zorg verleent zal mogelijk een specifieke focus liggen.

 

De inhoudelijke invulling ontwikkelt zich, afhankelijk van de vraag van inwoners/organisaties. Dat kan ook de gemeente zijn met vragen tzv “algemene voorzieningen” ipv “maatwerk” (Wmo) of om accenten te leggen, b.v. op “bewegen” en “gezonde voeding”. In de missie van Naobuur zou dan vertaald moeten worden dat hierdoor de inwoners/lokale organisaties mede-sturend kunnen zijn bij de ontwikkeling van gemeenschapsactiviteiten op het terrein van welzijn en zorg; inhoudelijk blijft Naobuur een vrijwilligersorganisatie.

 

De organisatie van Naobuur

De projectfase van Naobuur wordt afgesloten met het starten van een zelfstandige organisatie (los van Dorpsbelang Vledder)  en bijbehorende middelen (incl. financiering), die continuïteit inhoudt.

Naobuur is deels onderdeel van de realisatie van het concept levensloopbestendig wonen, waarvoor Dorpsbelang Vledder meerdere organisaties op moet zetten, zoals die voor financiering/eigendom gebouwen, beheer en verhuur.

Naobuur is in principe van en voor alle inwoners in de regio. Dit impliceert dat de organisatievorm van Naobuur breder geconcipieerd moet worden dan het WZC/Vledder-Noord en Vledder.

Naobuur kan een vereniging, coöperatie of stichting zijn. Mogelijk biedt een stichting voordelen:

·         in de fiscale sfeer en kan zij ook als “vriendenstichting” voor de “Zorggroep Vledder” fungeren (ANBI);

·         donateurs hebben

·         fondsen werven

·         subsidies verwerven.

Naobuur als coöperatie : dat is een vereniging met leden, die contributie betalen en bepaalde voordelen/diensten hebben die niet-leden niet hebben. Contributies en voordelen daarbij lijken lastig als algemeen kenmerk op het werkterrein van Naobuur. In een coöperatie/vereniging is betrokkenheid/zeggenschap van de leden gewaarborgd, niet zozeer die van alle inwoners.

In een stichting kan transparantie en betrokkenheid van alle inwoners gewaarborgd worden door eisen te stellen aan openbaarheid van informatie, door naast het (uitvoerende) bestuur een toezichthoudend orgaan te benoemen ( waarin b.v. Dorpsbelangen) en een “klankbordgroep” van inwoners.

 

De interne organisatie van Naobuur blijft gekenmerkt door een operationeel stichtingsbestuur, waarbij activiteitengroepen een grote mate van operationele zelfstandigheid hebben; Naobuur fungeert als strategische en facilitaire paraplu. Voorbeelden zijn: Seniorweb Vledder, ’t Pannegie, lezingen/cursussen, vervoerfaciliteit.

 

Projectteam Naobuur; 16-11-2017

 

Bijlage: par. 6 levensloopbestendig wonen in Vledder

 

6.Levensloopbestendig dorp

Een levensloopbestendig dorp kenmerkt zich niet alleen door een op alle levensfasen afgestemde woonareaal maar ook door een pakket aan ondersteuning- en zorgfaciliteiten. We hechten aan de eigen regievoering van de inwoners en hebben om die reden in het ontwikkelplan  aandacht voor de onderstaande levensdomeinen.

·         Sociale contacten. Extramuralisering van de zorg heeft als consequentie dat mensen langer thuis wonen met zorg aan huis en dat zieke dorpsgenoten eerder dan voorheen ontslagen worden uit ziekenhuizen. Extramuralisering stelt daarmee extra eisen aan inhoud en omvang van de welzijnsactiviteiten in het dorp. In het dorp kennen we anno 2017 een reeks aan vrijwilligersactiviteiten die gericht zijn op ontmoeting, verbinding en vermaak. Door de extramuralisering is er nu ook behoefte aan het tot stand brengen van dagactiviteiten voor ouderen met en zonder indicatie in een voor hen vertrouwde omgeving/ons dorp, samen met vertrouwde mantelzorgers. Ter bevordering van de vitaliteit van de dorpsgemeenschap is het van belang dat er ook welzijnsactiviteiten tot stand komen die de intergenerationele ontmoeting en verbinding bevordert.

              Als intergenerationele activiteit kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het gezamenlijk                                 

              Organiseren van “maaltijd en ontmoeting” met groenten uit een volkstuin.

·         Woonomgeving. De wijze waarop een woning is ingedeeld en ingericht bepaald mede de mogelijkheden tot behoud van zelfredzaamheid in eigen woonomgeving. Inwoners kunnen in Naobuur op weg geholpen worden in het vinden van een oplossing. Het toepassen van signalerings- en communicatiemogelijkheden met buren en/of hulpverleners kan bijvoorbeeld bij dragen aan het zelfstandig kunnen blijven wonen.

”Naoberschap” / Burenhulp is daarbij van grote waarde.

Monitoring op afstand d.m.v. het gebruik van domotica kan tevens op indicatie een welkome ondersteuning bieden evenals  What’s app toepassingen voor het met elkaar bewaken van een veilige woonomgeving.

              Om te bereiken dat mantelzorg niet alleen een door naaste familie gevoelde opdracht is, is       

              het versterken van wederkerige relaties in de naaste omgeving een belangrijk aandachtspunt

              voor het bereiken van de nagestreefde sociale samenhang en onderlinge betrokkenheid in de

              dorpsgemeenschap

·         Dagopvang en vrijetijdsbesteding. Op een prettige en zinvolle manier de dag doorkomen is                                        groot belang voor het welbevinden van iedereen. De aanwezigheid van een “Dorpskamer” als het kloppend hart van het dorp kan ontmoetingsmogelijkheden bevorderen en naast verpozing en vermaak ook actieve dagbestedingsmogelijkheden bieden. Gelet op de zeer beperkte openbare vervoersmogelijkheden is dagopvang in het dorp ook gewenst. Het voorkomt het reizen voor mensen die doorgaans al kampen met een afnemende zelfredzaamheid.

·         Gezondheid en preventie. De huisartsen houden geregeld een zgn.” Hometeam” overleg waarin zij samen met de paramedische hulpverleners  patiënten met meervoudige problematiek bespreken. Verbinding tussen het “ hometeam” en het voorliggende veld van welzijn- en vrijwilligersorganisaties in het dorp is van groot belang. In Naobuur wordt daar hard aan gewerkt. Dit initiatief  zal aan kracht winnen als een wijkverpleegkundige in de hoedanigheid als “public health” werker er domicilie kiest en zich sterk maakt voor verbinding in het dorpsnetwerk. Het is ons ideaal het tot stand brengen van een dorpsteam waarin “hometeam” participanten en de vrijwilligers en mantelzorgers nauw met elkaar samenwerken en er door hen  in gezamenlijkheid aan gezondheid bevorderende en op preventie gerichte activiteiten wordt gewerkt. In dat kader passen bijvoorbeeld preventieve gezondheidsconsulten die gericht zijn op leefstijladviezen en het kunnen voorkomen van vereenzaming. Het gaat om het op peil houden/brengen van lichamelijk en geestelijk welbevinden.

Bij het inhoud geven aan een woonzorgcentrum zal in het bijzonder aandacht zijn voor de mogelijkheden tot het realiseren van voldoende waarborgen voor (ongeplande) nachtzorg, zorg op afroep in de thuissituatie als ook voor calamiteitenzorg en crisisopvang.

Dit laatste is ook belangrijk om overbelasting van mantelzorgers te voorkomen. Het sterkt hen als er gerekend kan worden op een veilig en betrouwbaar vangnet van zorg en opvang.

·         Haal- en brengdiensten. We kennen service aan huis faciliteiten. Denk aan “Tafeltje dek je” en bijvoorbeeld een klussendienst als ook vervoer –en begeleidingsmogelijkheden naar b.v. een (poli-)kliniek en theaterbezoek in de regio. Naobuur krijgt daarin steeds meer een coördinerende en faciliterende functie.

·         Vitaliteit en participatie Het faciliteren van fitheid bevorderende activiteiten past in het streven inwoners te stimuleren tot een op behoud van gezondheid  en welbevinden gerichte leefwijze. Voor minder mobiele inwoners is het van belang dat zij bij activiteiten in het dorp betrokken te kunnen houden. Voor hen willen we vervoersfaciliteiten ontwikkelen. In Naobuur kan daarvoor de inzet van vrijwilligers geregeld worden. Een mooi activerings- voorbeeld is  de stichting Duo fiets; een vrijwilligersorganisatie die minder mobiele dorpsgenoten de mogelijkheid biedt zich op de fiets te vermaken in de mooie natuurrijke omgeving.     

·         ICT en domotica. Om te bereiken dat mensen ook met opkomende fysieke en/of mentale moeilijkheden in hun huiselijke omgeving kunnen blijven wonen is de introductie van domotica als hulpmiddel aangewezen. Domotica staat voor elektronische communicatie tussen allerlei elektrische toepassingen in de woning en woonomgeving ten behoeve van ondersteuning en/of zorgafhankelijke dorpsgenoten en hun hulpverleners. Met domotica kunnen zorgtaken, communicatie, ontspanning en andere huiselijke bezigheden gemakkelijker worden gemaakt. Onbekendheid met dergelijke apparatuur in de huiselijke setting kan met workshops ed. worden overbrugd.